Groenbeheer door burgers – goed idee?

openbaar-groen-zelfbeheer-door-burgers-2

Groenbeheer door burgers – goed idee?

Je leest het steeds vaker: burgers die worden ingeschakeld voor het groenbeheer in de gemeente. Een gevolg van de crisis en een overheid die moet bezuinigen en taken en verantwoordelijkheden herverdeelt. En dus wordt steeds vaker een beroep gedaan op welwillend burgerinitiatief. Maar is dat wel een goed idee?

DOOR HENK LUIJK

Ik scan de koppen in kranten en op websites. In Bronckhorst nemen bewoners de plantsoenen over. In Beek en Culemborg worden bewoners uitgenodigd om mee te denken over groenbeleid en de inrichting van openbaar groen in de stad. In Oosterhout worden grote delen van het openbaar groen de komende jaren in de etalage gezet. Groenonderhoud is voor veel gemeenten te omvangrijk geworden. En daarmee te duur.

Openbaar groen vaak de dupe

Uit recent onderzoek door het ministerie van Binnenlandse Zaken en de provincies blijkt dat een op de tien gemeenten te hard bezuinigt op onderhoud. Openbaar groen is daarbij vaak de dupe. En dus zijn burgerparticipatie en burgerinitiatieven steeds vaker voorgestelde oplossingen.

De realiteit leert dat burgerinitiatieven slechts door een handvol schouders worden gedragen.

Toegegeven, de directe betrokkenheid van burgers bij groenbeheer heeft diverse voordelen. Straten en wijken waarin burgers met elkaar zorgdragen voor het groenbeheer kennen minder anonimiteit; er ontstaat meer sociale cohesie. Betrokkenheid van burgers leidt ook tot meer draagvlak voor gemeentelijke plannen. Dat zorgt er weer voor dat de uitvoering sneller kan worden gerealiseerd. Het leidt bovendien tot meer vertrouwen in de gemeente. Daar waar partijen intensief en goed met elkaar samenwerken, naar elkaar luisteren, transparant zijn, openstaan voor elkaars argumenten heeft groenbeheer door burgers een kans van slagen.

Toch zie ik ook de risico’s van een te sterk gedelegeerd groenbeheer. De gedachte achter actief burgerschap is dat de overheid wordt ontlast en dat er dus kan worden bezuinigd. De praktijk is echter iets minder simplistisch. In plaats van dat de gemeente wordt ontzien, wordt juist een beroep gedaan op andere zorgtaken. Bijvoorbeeld het blijvend ontplooien van nieuwe initiatieven, het actief netwerken onder en het enthousiasmeren van betrokkenen. Er is een visionair, overkoepelend beleid vanuit de gemeente nodig om dit te blijvend realiseren.

Sommige burgers dragen bij, anderen niet. Dat kan tot negatieve spanningen leiden.

Handvol schouders

Er is nog een praktisch bezwaar. De realiteit leert dat burgerinitiatieven vaak door een breed en enthousiast publiek worden ontvangen, maar slechts door een handvol schouders worden gedragen. Deze echt betrokken burgers hebben vaak een directe, persoonlijke drijfveer om bij een project betrokken te zijn.

Maar voor het gros geldt dat ze geen verantwoordelijkheid willen dragen, geen zin hebben in overlegstructuren, langdurige verplichtingen en ga zo maar door. Om al deze valkuilen te dichten en groenbeheer door burgers tot een succes te maken, is dus een blijvende inzet van de gemeente een vereiste.

Astrid Meijs deed voor haar Master Thesis (2012) voor de faculteit Geowetenschappen aan de Universiteit van Utrecht onderzoek naar de betrokkenheid van burgers bij openbaar groen in de Utrechtse wijk Wittevrouwen. Mogelijk niet geheel representatief voor de rest van Nederland, maar het stemt tot nadenken.

Ze schrijft:

” … heeft 30% van de respondenten geen interesse in zelfbeheer van openbaar groen. De voornaamste redenen hiervoor zijn geen tijd en geen zin. Daarnaast geven sommigen aan dat ze aan hun eigen tuinonderhoud genoeg werk hebben, geen affiniteit met tuinieren hebben, het onderhoud van openbaar groen een taak van de gemeente is en dat er te weinig openbaar groen voorhanden is. De meeste mensen die geen interesse hebben in zelfbeheer van openbaar groen geven aan dat niets hun over kan halen om wel te gaan participeren in zelfbeheer van openbaar groen. Sommigen zien zelfbeheer echter wel zitten als ze er een beloning voor krijgen in de vorm van geld of minder belasting.”

Burgerparticipatie vraagt van gemeenten om zorgvuldige kennisoverdracht aan burgers.

De 30 procent die totaal geen interesse heeft in het leveren van een bijdrage aan het beheer van openbaar groen vormt precies het probleem voor de uitvoering. De verdeling wordt scheef. Sommige burgers dragen bij, anderen niet. Dit kan juist leiden tot negatieve spanningen in wijken. En waar burgers geactiveerd moeten worden in de vorm van een beloning of een belastingkorting schiet de maatregel zijn doel voorbij.

Kennisniveau groenonderhoud?

Een ander aandachtspunt is het kennisniveau van burgers. Burgerparticipatie op het gebied van groenbeheer en -onderhoud vraagt van gemeenten om een zorgvuldige kennisoverdracht aan haar burgers. Een gebrek aan kennis kan anders een desastreuze uitwerking hebben op onderhoud en beheer van groen in de gemeente.

De grootste winst zit in eerste instantie in de toename van sociale cohesie.

Samenvattend denk ik dat zelfbeheer – mits goed begeleid en gemonitord – hooguit een aanvulling kan zijn op het traditionele groenbeheer in gemeenten. Juist omdat de gemeente in die situatie in beeld blijft, is het nog maar de vraag in hoeverre dat tot de gewenste besparingen leidt. De grootste winst zit in eerste instantie in de toename van sociale cohesie en het gedeelde gevoel voor verantwoordelijkheid binnen wijken en buurten. De gemeente zal de eindverantwoordelijkheid moeten behouden voor het bewaken van de kwaliteit.

Geen reactie's

Sorry, het is niet mogelijk om te reageren.